dinsdag, augustus 31

Vloek of zegen?

Aaahhhhhhh etennnnnnnnnn

Ik hou van winkelen. Het liefste doe ik het elke dag en dan heb ik het niet over kledingwinkels of DVD-zaken. Nee, gewoon lekker winkelen in de supermarkt. Tot voor kort deed ik namelijk de boodschappen. Heerlijk vond ik dat, lekker snuffelen in de schappen die ik stuk voor stuk inspecteerde of er nog nieuwe producten tussen stonden. Tja, een mens moet tenslotte alles proberen he. Meestal deed ik de boodschappen elke dag na het werk en dat moet je niet doen. Want elk lekker product belandde in mijn winkelwagentje Als Wim af en toe mee was zag ik hem alweer met zijn hoofd schudden… Nieuwe soort sla-dressing, hee een nieuw toetje… Die magnetron-frikandellen zijn wel heel handig. Jammie, lekker Ben & Jerry ijs. Hoppa, Jeffie gooide alles wel in het karretje. Bij de kassa was het altijd even slikken als de kassier het eindbedrag noemde. Thuisgekomen moest ik natuurlijk de boodschappen opruimen. Op een gegeven moment had ik geen ruimte meer in de kastjes die uitpuilde van de Honig-mixen, pasta’s, Knorr Wereldmixen, potten chicken-tonight en ander halfproducten. Dit ging zo niet langer. Deze winkel-hobby liep uit de hand.

De oplossing lag voor de hand. Wim werkt namelijk in een supermarkt. We besloten dus dat ik een boodschappenlijstje zou maken voor de hele week. Ik maak nu dus een menu voor de hele week, een mooi uitgebalanceerd menu met afwisselend appies/groenten, pasta en rijst. En Wim haalt vervolgens de boodschappen van zijn werk mee. En inderdaad, het scheelt. Er komt weer genoeg ruimte in de kast en bovendien scheelt het behoorlijk wat geld. Helemaal zonder winkelen kan ik niet dus op de zaterdag haal ik in ieder geval zelf het eten voor het weekend, ga lekker de markt over voor verse groenten en fruit, brood en voor de zaterdagavond wat lekkere nootjes.

Ja wel handig, een man die in een supermarkt werkt. Maar ik weet nu niet of het een zegen of een vloek is. Waarschijnlijk een vloek voor mijn koopdrift maar een zegen voor onze portemonnee.

P.S.: Volgens ons week-menu eten we vanavond tomaten-mozarella salade met krieltjes en een kip cordon bleu.

maandag, augustus 30

It’s a small world

Een onderdeel van onze Disney-tuin

De maandag is toch een van de minst leuke dagen. Na twee daagje’s lekker uitslapen en lummelen gaat de wekker weer om 6 uur en mag je 8 uur lang je baas verblijden met je aanwezigheid. Zo’n eerste werkdag lijkt altijd dubbel te tellen, vooral als je nog twee weken vakantie in het vooruitzicht hebt. Ik ben de dagen al aan het aftellen. Het worden twee weekjes heerlijk niks doen met hier en daar een leuk uitstapje. Maar de klapper is toch wel het laatste weekend van de vakantie. Dan gaan Wim en ik met Paula en Gerard een lang weekend naar Disneyland Paris. En man oh man, wat heb ik er al zin in. Ja, dat was een leuke verrassing. Afgelopen juni werd ik 40 jaar (ssstttt, niet verder vertellen hoor) en groot was de verrassing toen Wim en ik een reis naar Disneyland Paris aangeboden kregen omdat we beiden 40 waren geworden, ik dit jaar en Wim 2 jaar geleden. Tja, wat zeg je dan??? Nou, dank je wel was wel het minste. Voor Paula en Gerard word het de eerste keer maar Wim en ik zijn er al 3x geweest.

De eerste keer was al een tijdje geleden, toen nog met een aantal vrienden van Radio Lelystad. Eigenlijk was dat een weekendje Parijs met een dag Disneyland Paris, maar we waren meteen verslaafd. Het tweede bezoek was met een handicap, vlak voor we zouden gaan kreeg Wim op zijn werk een bezem op zijn kop. Die viel 2 meter naar beneden, vraag me niet hoe hij dat voor elkaar kreeg. Maar het gevolg was wel een hersenschudding. Het ging wel weer toen we in Disneyland waren maar een achtbaan of andere attracties zaten er niet in. De derde keer ging we met mijn familie. We hadden 2 huisjes op kamp Davy Crockett gereserveerd, maar vlak voor onze afreis werd dat hele bungalowpark vernield door een zware storm en er vielen zelfs een aantal doden. De service van Disney was geweldig en wij kregen een aantal kamer in het een na duurste hotel van het park zonder bijbetaling… Heerlijk!!!

En nu gaan we dus over 3 a 4 weken weer terug. In de tussentijd is er weer een park onderdeel bijgebouwd en bovendien hebben we nu een digitale camera dus wordt er heel wat afgeklikt. Nu ik er over schrijf begin ik steeds meer zin te krijgen… Dit keer hoop ik echt Donald Duck tegen te komen, onze favoriete figuur. Ondertussen weet heel onze familie al dat we Disney gek zijn. We hebben (bijna) alle Disney DVD’s, gaan regelmatig naar Disneyland Paris en ook een tripje naar DisneyWorld zit er nog wel in. Toen Wim en ik twee jaar gingen trouwen kwam Disney natuurlijk ook ten sprake. Op onze bruiloft hadden de kleine neefjes en nichtjes een dansje ingestudeerd met Disney-maskers op. Bij thuiskomst bleek dat ze onze tuin hadden omgetoverd in een echte Disneytuin (bovendien lagen er 150 dikke telefoonboeken achter de voordeur die door de brievenbus naar binnen waren gegooid maar dat is een ander verhaal).

zondag, augustus 29

Trauma’s, trauma’s, trauma’s

Het zonnetje in huis...

Vandaag was de dag dat ik mijn jeugdtrauma’s onder ogen zou komen. Nee, schrik niet. Het is geen wereldschokkend trauma, maar één woord staat diep in mijn herinneringen gegrift, een woord die de koude rillingen over mijn rug doen lopen. En dat woord is… Hoenderloo. Hoenderloo, een pittoresk dorpje midden in de bossen van de Veluwe. Wie kan daar nu een hekel aan hebben? nou ik! Het was 32 jaar geleden dat ik er voor het laatst ben geweest. En nu keerde ik weder.

Vroeger gingen we nooit op vakantie, het buitenland had ik nog nooit gezien en Amsterdam ontvluchtte wij zelden. Misschien hielden mij ouders niet van vakanties of hadden ze er geen geld voor. Dit alles veranderde in 1972. Want, jawel wij gingen met een bungalowtent op vakantie. Op de camping in Hoenderloo om precies te zijn. En oh joepie, joepie wat had Jeffie een plezier daar. Wij hebben maar liefst 2 jaar daar op de camping gestaan. Samen met mijn oom en tante die naast ons een tent hadden. Al snel kwam ik erachter dat kamperen echt niks voor mij is. Ten eerste viel ons meteen op dat Hoenderloo een ander woord was voor “stadje waar het altijd regende”. De regen kwam met bakken uit de lucht vallen zodat wij bijna altijd in de tent moesten blijven of we mochten naar de camping naast de onze waar een aantal flipperkasten en andere spelletjes stonden. Maar van het zwembad, dat onze camping had, hadden wij amper tot geen gebruik kunnen maken omdat je buiten het zwembad natter werd dan in het zwembad. ’s Nachts sliep je in klamme slaapzakken op een luchtbedje en ook toen was ik al constant bang dat er een of ander eng beest in mijn slaapzak was gekropen. Overdag leefde we op boterhammen met campingboter uit die blikken en daar dik bebogeen op. ’s Avonds probeerde mijn moeder nog een prakje te maken op zo’n gasstelletje. Douchen moest je in die enge ruimtes waar je een muntje in moest gooien voor heet water en dan snel douchen want voor je het wist stond je te bibberen onder een koude waterstraal.

Twee dingen zijn me nog goed bijgebleven uit Hoenderloo, het zijn ook de verhalen die nog steeds de familie doorgaan. Laat ik ze dan maar voorblijven en ze zelf maar vertellen dan hebben we dat alvast gehad. Toen wij gingen kamperen namen mijn ouders een chemisch toiletje mee, spiksplinternieuw en nog nooit gebruik maar daar zou snel verandering in komen want ik voelde een behoorlijke kramp op komen. Dus de kleine Jeffie mocht achter een zeiltje zijn behoefte doen op het chemisch toilet. Nou ja, je kan wel raden wat er dus gebeurde, de lucht in de tent was ineens zeer bedrukt en rook niet echt meer naar viooltjes. Mijn moeder probeerde het product van die vieze lucht te doden met een chemisch oplosmiddeltje, maar wat ze ook probeerde, mijn drolletje bleek bestand tegen de heftigste chemische troep. De volgende dag bleek hij nog steeds vrolijk te drijven in het blauw chemisch vocht. Het chemisch toilet werd dus nooit meer gebruikt en vanaf die tijd moesten wij dus door de noodweer naar de toiletten rennen met een closetrol onder de arm. De toekijkende medekampeerders wisten dus precies wat je ging doen. Je schaamde je rot.

Het tweede wat mij nog is bij gebleven was het tweede jaar dat we op de camping stonden. Er waren die zomer veel voetbalwedstrijden die mijn vader graag wou zien, dus had hij voor veel geld een klein tv’tje gekocht zodat hij geen wedstrijd hoefde te midden. De auto werd uitgepakt, de tv werd midden in de tent op de grond gezet. Jeffie zag de TV niet, struikelde er over en belande met zijn kont boven op de TV! Kapot….. Mijn vader zou een moord doen voor voetbal. Een moord!!! Ik slikte en maakte dat ik uit de voeten kwam en ben een paar uur (natuurlijk in de stromende regen) weggebleven. Uiteindelijk is het toch wel goed afgelopen want hey! Ik leef nog.

Nee, ik heb het niet zo op Hoenderloo, maar vandaag dus toch een kijkje genomen of het nog steeds zo erg is als in mijn herinnering. De camping was zo gevonden, ook kon ik zo nog de weg op de camping terug vinden naar vwaar we gestaan hadden. Maar er stond geen tent of kip-caravan meer op de kaping. Alles had ruimte gemaakt voor stacaravans en bungalowhuisjes. Alles onder de noemer van groot, groter, grootst. Door de een werden we met een schuin oog bekeken en door de ander hartelijk begroet, maar een ding wist ik zeker. Ik wil nooit meer op de camping! En al helemaal niet meer in Hoenderloo. Was het vroeger nog een rustiek plaatsje, nu stikte het van de toeristen en er ontstond zelfs een ware file in Hoenderloo.

Gelukkig kwamen we op de terugweg langs de Leemsterheide waar we prachtige foto’s van gemaakt hebben, hebben Wim, Paula en ik poffertjes en een ijsje gegeten en al snel waren de oude fantomen uit het verleden begraven en hebben nu een plekje gekregen, maar wat belangrijker was: Het was die dag droog in Hoenderloo.

zaterdag, augustus 28

Hocus pocus, en weg issie…

Spoorloos

Stel je voor… Je bent lekker aan het winkelen, bij de IKEA. Je hebt allerlei artikelen gekocht met van die leuke Zweedse namen en natuurlijk van die heerlijke Zweeds gehaktballetjes gegeten, kom je buiten wil je je aankopen in de auto liggen… Auto weg, gestolen…

Gelukkig is dit ons niet overkomen, maar mijn zwager wel toen hij afgelopen woensdag bij de IKEA in Duiven was. Waarschijnlijk komt de auto, een Volkswagen T4 nooit meer boven en bevindt zich allang in Oost-Europa. Het schijnt wel meer te gebeuren op die parkeerplaats van de IKEA en de voorkeur gaat voornamelijk uit naar grote bestelbusjes. Ze hebben een berichtje geschreven die hier te vinden is. Gelukkig dekt de verzekering wel de diefstal (dagwaarde) maar het is toch behoorlijk schrikken als zoiets je overkomt. Bovendien moet je dan ook maar weer van Duiven (bij Arnhem) naar Franeker zien te komen zonder auto. Wij wensen ze veel sterkte.

vrijdag, augustus 27

White Christmas

I'm dreaming of a white Christmas

Dat het nog midden zomer is kan mij niks schelen, ik heb zin in de feestdagen. Nu ben ik toch al niet zo’n liefhebber van de zomer, maar mijn gedachten gaan al uit naar december. Zeg nu eerlijk. Het is toch heerlijk: Lekker vroeg donker, sfeerrijke feestversieringen in de stad, in de woonkamers staan de kerstbomen te pronken en sommige huizen zijn versierd met honderden lichtjes. Buiten is het koud en guur, het liefst met een flinke sneeuwbui. En als je thuis komt kan je met een lekkere beker warme chocomelk op de bank kruipen. De mensen zijn in hun sas en de treinen zijn gevuld met volk die een veel te groot kerstpakket onder hun armen dragen. Overal klinkt gezellige kerstmuziek en natuurlijk de geijkte kerstmarkten afstruinen onder het genot van warme gluhwein, geschonken in een ordinair plastic of papieren bekertje. En het duurt nog geen twee maanden of de eerste tuincentra zijn omgetoverd in prachtige kerstcentra met rijen vol ballen in alle kleuren en andere kerstprullaria. Je moet er dan ook vroeg bij zijn of alle mooie dingen zijn al uitverkocht.

Hmmmm, december… Ik wou dat het al zover was. De buren zullen mij wel voor gek verklaren want terwijl de mussen zomers nog dood van het dak vallen van de hitte, draai ik thuis al kerstnummers: O holy night, White Christmas, Mary’s boy child, Last Christmas. Ze passeren allemaal de revue. Ondertussen ben ik met de voorbereidingen voor de feestdagen bezig. Heerlijk vindt ik dat: wie nodigen wij uit voor welke dagen (Sinterklaas, kerst en oudjaar) en natuurlijk: wat ga ik koken? Met Kerst laat ik mij helemaal gaan op culinair gebied. Een uitgebreide zes gangen menu met alles erop en eraan en veel lekkere hapjes tussendoor. Al in augustus/september begint het te kriebelen en pluis ik allerlei kookboeken en sites uit op zoek naar lekkere recepten en goede suggesties. Terwijl ik mij met het culinaire bezig houdt zorgt Wim voor de aankleding, hij kan de mooiste bloemstukken maken en rond de feestdagen is ons huis gevuld met de prachtigste kerststukken. Ik ben blij dat Wim net zo gek is op de feestdagen als ik hoewel hij de kerstmuziek die ik nu draai wel wat overdreven vindt.

Ben ik nu de enige gek die daarna verlangt of zijn er nog meer die stiekem al verlangen naar de feestdagen met een dik pak sneeuw voor de deur?

donderdag, augustus 26

Dit is een prive logje

Hemelse inspiratie

Even leek het of het een saaie dag zou worden. Niks beleefd, geen leuke, geen verdrietige dingen. Slechts een dag werken, een dag vol met vergaderingen. Zeer slaapverwekkend dus ik zal maar niet vertellen wat ik vandaag allemaal aan heb moeten horen, boring!!!! Het leek er dus op dat het logje vandaag er bij in zou schieten. Terwijl ik op de weg naar huis in de overvolle trein na zat te denken over mijn logje, hoorde ik ineens het hemelse gezang van inspiratie. Ik keek om mij heen waar het vandaan kwam. Toen zag ik hem. Hij lag op de trap en een hemelse gloed kwam van hem af. Vreemd dat niemand anders hem was opgevallen. Hij, de inspiratiebron voor mijn volgende log. Hij lag daar zo aantrekkelijk op die trap. Het liefste wilde ik hem aanraken, hem omdraaien en zijn voorkant goed bekijken. Ik trok de stoute schoenen aan, draaide hem om en ik keek recht tegen…. De voorkant van een gloednieuwe Privé aan!!! Eureka!!! Iemand was hem vergeten mee te nemen, nu is hij dus helemaal van mij. Mij!!! Een duivelse lachje kon ik nog net onderdrukken. Natuurlijk lees ik dat blad nooit, behalve als ik bij de dokter zit of er eentje vindt in een stampvolle trein. Ik bladerde het blad van voor tot achter door, genoeg informatie voor wel vier logjes denk ik gretig… Bastiaan heeft Tooske met kussens om haar oren geslagen, de nieuwe Bachelor schijnt regelmatig in een homo-kroeg komen,er is een soapster verzopen en Trijntje schijnt eindelijk geen soepjurk meer op een gala te dragen. Oh, oh,oh wat een ellende allemaal in Boboland… Maar goed, de ene zijn dood is de andere zijn brood. Mijn saaie treinrit is een beetje opgeleukt en mijn logje is vandaag ook weer gevuld. Waar zo’n Privé allemaal niet goed voor kan zijn. Nu alleen hopen dat niemand mij in de trein heeft zien zitten neuzen in die privé. Stel je voor zeg, nee ik lees dat roddelblad niet. Nou ja, hoog uit een keertje bij de dokter.

woensdag, augustus 25

Boemeladiboemboem

Boemeladiboemboem

De vakanties zijn weer afgelopen. De scholen stromen vol met kinderen, de treinen zitten afgeladen met forenzen en de wegen verstoppen weer door de vele auto’s met menige filesals gevolg. Het is afgelopen met de zitplaatsen in de trein en met de auto hoef ik al helemaal niet naar het werk, dat is stilstaan op de A6 en A1. Maar goed, vandaag kon ik even niet anders.

Vanmorgen begon de dag al goed, de wekker ging niet af vanwege een stroomstoring gisteren. Dus een kwartier te laat kwam ik mijn bed uitgerold. Haasten had geen zin meer dus ik besloot maar een treintje later te nemen. Wassen, aankleden, brood smeren, medicijnen innemen…. Tja, medicijnen innemen… Probleem!! Een van mijn pillekes bleek op. Jeffie had de boel weer eens niet in de gaten gehouden en het zijn toch echt pillen die ik nodig heb. Dus moest ik eerst naar het gezondheidscentrum voor een herhalingsrecept. Zo lekker, je moet de lege doosjes eerst voor tien uur brengen en dan kan je na vier uur je nieuwe medicijnen weer ophalen. Ik besloot dus maar met de auto door te rijden naar het werk, de files voor lief nemend. Het is altijd de vraag of er parkeerplek bij onze kantoren aanwezig is want daar is een chronisch gebrek aan en ik kwam toch al vrij laat aan. Maar ik kwam aanrijden en kon zo een parkeervak inrijden. Mijn eerste mazzeltje van die dag. De andere rondrijdende automobilisten die ook naar een plaatsje zochten keken mij vuil aan. Ik kon alleen maar stiekempjes in mijzelf lachen. Dat werd meteen afgestraft met een flinke stortregen waar ik doorheen moest. Verzopen als een hond kwam ik op kantoor aan, van top tot teen nat en een dik half uur te laat.

Het was vervelend maar ik moest ook weer een uurtje eerder weg anders zou ik voor de dichte deuren van de apotheek staan. Aangezien het vrij stil was besloot ik om kwart voor vier de boel de boel te laten. Gelukkig was het dit keer droog. De regen was al eerder met bakken naar beneden gekomen en ik moest af en toe “sierlijk” over de plassen heen dansen om naar geen natte voeten te krijgen. Op naar huis! Wat normaal een ritje van 40 minuten is, duurde dit keer bijna anderhalf uur. Ik hoorde het al in de auto. Veel files vooral rond Amsterdam. Op de A1 tussen Naarden en Blaricum 7 km. file. Maar ze waren erbij vergeten te vertellen dat het al vanaf Diemen langzaam rijden en stilstaand verkeer was. Ik zuchtte opgelucht toen ik op de A6 reed. Geen files en direct door naar huis. Fout!!! Ik weet niet wat er vandaag aan de hand was, maar de mensen reden vandaag zo knudde… Het leek alsof de Albert Heijn een gratis rijbewijs bij een kuipje Bona had weggegeven. Maar liefst 3 kettingbotsingen op een traject van 7 kilometers tussen Almere-Buiten en Lelystad. Wat doen die mensen allemaal in de auto? DVD’tje kijken? Mobiel bellen? Lekker op de Gameboy spelen? Of misschien een krantje lezen? Geen idee, in ieder geval hadden ze hun aandacht niet bij het verkeer. De ongelukken waren nog maar recent gebeurd want er was nog geen politie of ambulance in zicht. Vlak voor de afrit naar Lelystad gebeurde weer bijna een ongeluk toen er iemand met een rotgang aan kwam rijden en op het laatste ogenblik zijn auto tussen het afslaand verkeer perste. Wat ben ik blij dat ik morgen weer met de trein ga.

dinsdag, augustus 24

De lijkzang van weleer

De eerste wagen

Vandaag hadden wij dus een begrafenis. Zaterdag hebben we de rouwkaart ontvangen en daarin stond het hele programma. De kerkdienst zou om 9.45 beginnen en daarna zouden we in stoet eerst langs het huis en daarna naar de begraafplaats rijden. De kerkdienst was zeer persoonlijk en ook erg emotioneel. Het doet je pijn om je vrienden te zien huilen. Maar gelukkig wisten ze goed met alles om te gaan en zowel de kinderen als de kleinkinderen hebben op passende en persoonlijke wijze afscheid kunnen nemen. Er was slechts een puntje waaraan ik mij gestoord heb, de voorganger vond het nodig om de Christelijke toewijding van de overledene te “misbruiken” om zieltjes te winnen voor zijn eigen kerk en om mensen uit te nodigen voor hun gastendienst. Ik krijg van dat soort zaken altijd een bittere nasmaak in mijn mond.

Daarna was het tijd om naar de begraafplaats te rijden, dit gebeurde via een omweg om langs de woning van de overledene te gaan. Terwijl we in de rouwstoet de lijkwagen volgen viel mij op dat er tegenwoordig geen eerbied meer is voor de doden. Vroeger behoorde een rouwstoet net zoals een kudde militaire tot een colonne en behoorde voorrang te krijgen op de weg. Maar in het normloze tijdperk waarin wij nu leven mogen rouwstoeten nu gewoon ingehaald en doorbroken worden, ze hebben zelfs geen voorrang meer. Dit is iets wat mij steekt. Ik kan nog wel herinneren dat men vroeger stil stond als er een rouwstoet voorbij kwam, mannen hun hoed afnamen, auto’s stopte etc. En nu? Slechts een enkele automobilist geeft een rouwstout nog voorrang maar het liefst scheuren we ze met 180 km/uur voorbij en als het nog even kan proppen wij de auto tussen de lijkwagen en de eerste rouwauto. Ja mijnheer Balkende, u zeurt alsmaar over de verlepte normen en waarden maar zorg eerst maar dat u zelf weer een aantal normen en waarden herstelt.

De ten aardestelling was zeer emotioneel: vrouw, kinderen en kleinkinderen namen afscheid met elk een witte roos. Het definitieve afscheid is het zwaarste. Je staat op een afstand en ziet je vrienden verdriet hebben, het liefste zou je op ze af willen rennen en knuffelen, troosten en dicht tegen je aan houden. Maar de familie troost elkaar en jij kan alleen toekijken met een brok in de keel. Tijdens de condoleance kan je er eindelijk voor ze zijn. Het is zo dubbel als ze zo blij zijn dat je er voor hen bent. Blij en toch zo verdrietig. Dit zijn van die dagen dat je er even doorheen moet bijten.

De laatste wagen - Mathilde Santing

In de laatste wagen
Da's de tiende wagen
Of de twaalfde wagen
Hoe dan ook, de laatste
In de laatste wagen
Wordt geen traan gelaten
Om de voorste wagen
Da's de grootste wagen
Da's de langste wagen
De bekranste wagen
Die ze zwaar beklagen
In de tweede wagen
En de derde wagen
En de vierde wagen

In de laatste wagen
Wordt geen zwart gedragen
Hoor je lustig praten
Zelfs gelach naarmate
Er steeds stiller straten
Worden ingeslagen
Door de eerste wagen
De verkeerdste wagen
Da's de zwartste wagen
De benardste wagen
Diep betreurd bij vlagen
Door de tweede wagen
En de derde wagen
En de vierde wagen

In de laatste wagen
Wordt geen kruis geslagen
Hoor je harde vragen
Over doen en laten
In de levensdagen
Van de arme brave
Die daar wordt begraven
In de omfloerste wagen
De beroerdste wagen
Die wordt uitgedragen
Door de zwaargeslagen
Lange tweede wagen
En de derde wagen
En de vierde wagen

In de laatste wagen
Zitten jonge blagen
Zonder veel genade
Als de kronkelmaden
Die straks zullen knagen
Aan de uitgedragen
Dode en zijn daden
In de eerste wagen
Da's de kilste wagen
Da's de stilste wagen
Maar er komen dagen

Maar er komen dagen
Dat de kwade blagen
In de laatste wagen
Da's de kaalste wagen
Worden uitgedragen
In de voorste wagen
De ongestoordste wagen

Da's de meest blije wagen
De enig vrije wagen
De see you later wagen
De ik weet nu beter wagen

maandag, augustus 23

De koning van de straat

Koning van de straat en heer van het huis

Sinds de zomer weer in het land is, laat Ajax de kat zich amper zien. Hij geniet volop van het zonnetje en is zelden binnen. Pas bij mijn thuiskomst komt mijnheer aangelopen en wil naar binnen. Ik heb nog geen tijd om boe of bah te zeggen of mijnheer begint al zijn klagend katten mauwgezang. Miauw, miauw, miauw, voed me…. Miauwww miauwwwwww, hier is mijn bakje. Hij draait zenuwachtig rondjes om zijn etensbak. Hij wil eten en laat dat goed merken. Ik heb amper tijd om even op adem te komen, rusten gaat niet want het kattengezang gaat onverminderd door. Zuchtend wou ik dat het al winter was want dan is mijnheer niet met een poot buiten te krijgen en ligt prinsheerlijk voor de warme kachel of lekker tussen Wim en mij in terwijl we op de bank een DVD’tje kijken. In de winter kan Ajax zo lekker jaloers doen. Als Wim en ik dan knus tegen elkaar aan kruipen wurmt Ajax zich tussen ons in, hij hoort er tenslotte ook bij en als we hem dan lekker achter zijn oortjes krabbelen klinkt er hard geknor en hangt er een kwijlsliertje uit zijn mond. Maar het enige wat ik nu hoor is kattengejammer, gekrijs van een kat die zo te horen uitgehongerd is. Ik schep zijn bakje vol en als een echt roofdier valt hij aan, natuurlijk uitgehongerd van het ravotten. Ondertussen stort ik mij vermoeid op de bank, maar tijd om uit te rusten heb ik niet. Ajax heeft zijn buikje rond gegeten en wil weer naar buiten waar het avontuur lonkt en het zonnetje zijn oranje-rode haartjes verwarmt. Miauw, miauw klinkt het weer. Dit keer klagelijk bij de achterdeur. Tegenstribbelen heeft geen zin, Ajax wil weer naar buiten en laat dat goed merken. Okay dan. En weg is Ajax en we zien hem pas weer de volgende dag.

Vanmorgen kwam ik de deur uit om naar mijn werk te gaan. Ajax zat aan de overkant van de straat en zag mij. Loom en met een air als koning van de straat kwam hij op mij toegelopen. Dat er een auto aankwam, kon hem niet deren. Mijnheer liep rustig door, terwijl de auto vol in de remmen moest. Domme domme Ajax, die auto is veel harder dan jij hoor. Pas toch op, vandaag of morgen gaat het helemaal mis en remt de auto niet voor je. Het is een wonder dat Ajax nog zijn 10de levensjaar heeft gered want ontzag heeft hij niet voor auto’s. Zelfs als wij de oprit op komen rijden, komt Ajax aangerend en stort zich voor de wielen van de auto. Heeft hij zelfmoordneigingen? Wil hij de auto kopjes geven? Ik weet het niet, maar ik moet elke keer vol in de remmen en heel langzaam rijden terwijl hij trots vooruit de auto waggelt, zijn buik klotsend van links naar rechts. Als een echte koning van de straat.

zondag, augustus 22

Vrienden blijven vrienden

Echte vriendschap

Door je hele leven heen bouw je een aantal vriendschappen op. Sommige vrienden worden hechte vrienden, andere blijven op een afstand en als je heel veel geluk hebt, heb je vrienden voor het leven. Hoe ontstaat nu vriendschap? Ik zou het echt niet weten, sommige vrienden ontmoet je op de raarste plaatsen: werk, hobby of andere plekken. Frank en Nancy zijn hechte vrienden die wij hebben leren kennen via de computer, Frank via de chat en Nancy vanwege haar internetsite. De vriendschap met Paula en Gerard begon tijdens de winter-Efteling. Paula is de zus van Frank en we waren met een heel stel naar de Efteling. Paula kenden we toen nog niet zo goed, het eerste wat we zagen is dat ze voordrong bij de kassa (foei!), geen goed begin dus. Maar het was nogal glad en Paula had gladde schoenen aan, wij hadden een arm vrij. Het begin van een goede vriendschap. Jelly leerde wij weer kennen omdat ze een relatie kreeg met een vriend van Wim, Andreas en het klikte.

Andre ken ik ondertussen al heel lang, op de kop af 25 jaar. Ik was vakantiekracht bij een foto-ontwikkelcentrale waar mijn moeder ook werkte. Andre werkte op de foto-afdeling en we merkte dat we dezelfde hobbies hadden: muziek, computers en films. We trokken steeds meer met elkaar op en werden goede vrienden. Hij kwam vaak bij ons thuis en ik bij hem. Wij werden zeg maar, kind aan huis. Ook met Andre’s zus Karin kon ik het heel goed vinden. Ook nadat Andre op zichzelf ging wonen, bleven we veel met elkaar omgaan. Ik herinner mij de avonden dat Andre, Karin en ik naar muziek luisterden en hele, soms diepe, gesprekken hielden. Lief en leed kwam langs en samen hebben we gelachen en gehuild. Ik heb bij Andre mijn eerste (en enige) kater opgelopen en zo kan ik nog veel meer verhalen vertellen. Door omstandigheden gingen wij elkaar steeds minder zien, maar de vriendschap bleef. Karin is ondertussen getrouwd en ook met hun zijn we goede vrienden gebleven. Met Andre en Karin hebben wij het soort vriendschap waar men elkaar niet vaak ziet. Maar hebben we elkaar nodig dan weten we bij elkaar aan te kloppen. Het soort vriendschap waar je zuinig op moet zijn. Een paar weken geleden zijn Karin en haar man hier nog geweest. Het was weer ouderwets gezellig. Helaas is de vader van Karin en Andre afgelopen donderdag overleden. Het ging al een tijdje niet goed met hem en voor hem kwam de dood als een bevrijding. De familie blijft echter verdrietig achter. Dinsdag is de begrafenis, natuurlijk gaan Wim en ik er naartoe. Ik ken de goede man tenslotte ook al 25 jaar en een goed mens was het zeker. Altijd vrolijk en in zijn geloof een echt Christen. Ook in deze moeilijke tijd zullen Wim en ik voor Andre en Karin klaar staan, dat weten ze. In goede en in slechte tijden is vriendschap kostbaar.

zaterdag, augustus 21

Ziek, zwak en toch al tachtig

Het avondrood des levens

Ik mag mij gezegend noemen dat ik op mijn veertigste levensjaar nog steeds twee oma’s heb. De ene wordt over een maand 85 en de ander is 83. Sinds ik mijn oma’s ken, zijn ze ziek. Mijn oudste oma heeft zwaar reuma en zit al zeker 30 jaar in een rolstoel maar je zal haar nooit horen klagen. Ze weet haar pijn goed te verbergen en is altijd goedlachs. Het is nu te merken dat ze ouder wordt, ze wordt doof, haar ogen gaan achteruit en bovendien heeft ze vorig jaar haar eerste lichte hartaanval gehad. Tja, ouderdom komt met gebreken.

Maar ik wil het vandaag over mijn andere oma gaan hebben. De moeder van mijn moeder. Mijn moeder is overleden en met haar twee zoons heeft ze geen contact meer. Omdat haar man stukken ouder was dan zij was ze al vrij vroeg weduwe. Kortom, ze heeft eigenlijk alleen mijn broer, zus en mij als familie. Dat houdt in, 1x per week even bellen en ongeveer 1x per maand op bezoek. Waag het niet om het bellen over te slaan want dan hangt ze verontwaardigd aan de telefoon. Of ik soms boos ben op d’r en waarom we nooit wat van ons laten horen. Voor haar misschien heel vanzelfsprekend maar met een grote familie, schoonfamilie, vrienden en ook nog wat tijd voor ons zelf blijft er soms weinig tijd over.

De bezoekjes aan mijn oma zijn niet altijd even prettig. Je zit dan in een veel te kleine kamer die tropisch warm is gestookt met alle ramen dicht weg te zweten terwijl je alle verhalen aanhoort over vroeger die je al 100x eerder hebt gehoord. Maar ja, je wil haar niet kwetsen dus met enthousiasme en op zijn tijd een verbaasd gezicht alsof je alles voor de eerste keer hoort. Je kent alle verhalen al, je weet wat er gaat komen: Het eten was weer niet te eten en dat heeft ze de kok duidelijk gemaakt, ze heeft ruzie met iemand aan de eettafel gemaakt. Bovendien moet alles tegenwoordig in haar kluisje want er wordt steeds gestolen en iemand had zelfs een van haar 9 koelkastmagneetjes in de vorm van een margriet gestolen (Die wil dat ding nu jatten) en zelf haar buis met steradent was niet meer veilig. Ik kan er niets aan doen, maar er klinkt niets positiefs tussen. Nooit van: Het eten was vandaag heerlijk. Kijk, ik heb een vingerplant met bingo gewonnen. Nee, mijn oma moppert graag.

Ook de gezondheid speelt veel op. Ik hou het allemaal niet meer bij. Blaas, hart, suiker, bloeddruk, gewrichten noem maar op. Noem een ziekte en mijn oma heeft het gehad. Ze slikt zo’n 35 pillen en poedertjes per dag. Dat gaat nu al door zolang ik haar ken. Het vervelende is dat ze haar ziektes (die ze echt wel heeft) vaak gebruikt om aandacht te krijgen. Dat was vroeger al zo. Als mijn moeder uit wou kreeg mijn oma spontaan een toeval zodat ze bij haar kon blijven, dat was vaste prik. Dat is nu nog zo, toen mijn zus enige tijd naar huis wou omdat ze een verjaardag had en mijn oma haar niet kon overhalen om te blijven, kreeg ze spontaan een “suikeraanval” Het probleem is dat je net zoals bij Peter en De Wolf je haar op het laatst niet meer geloofd. Is het echt of vraagt ze weer om aandacht. Tegenwoordig gaan we maar mee naar het ziekenhuis zodat we zeker weten wat er met haar aan de hand is. Feit is dat ze al haar familieleden ondanks al haar ziektes heeft overleefd inclusief mijn moeder. En ik durf er zeker van te zijn dat op onze begrafenissen mijn oma als enige als 130 jarige in de aula zit. Die is zo sterk, die overleeft iedereen.

Vandaag zou Oma langskomen, ze roept al tijden dat ze niet meer buitenkomt. Dus hebben mijn zus en ik afgesproken dat zij mijn oma uit Amsterdam zou halen en ik haar weer naar huis zou brengen. Zo zou ze een lekker dagje uit zijn, eerst bij mijn zus, even langs mijn broer en dan bij ons wat eten en terug naar huis. Leuk toch? Mis!!! Voor de zoveelste keer belde ze op het allerlaatste ogenblik af, dat ze toch te veel pijn had. Daar zakt mijn broek spontaan van af!!! Ik had het natuurlijk kunnen weten, dit is niet de eerste keer dat dit gebeurd. Je haalt allemaal lekkere zout en suikervrije dingen voor haar in huis en dan komt ze niet. Maar ze verwacht dan wel dat we vandaag bij haar komen. Mijn zus is wel gegaan, maar ik kon vanwege Wim’s rugklachten (gelukkig) niet weg. Ik hoop maar dat ik niet op die manier oud wordt. Mochten jullie wat aan mij merken, waarschuw me dan! Afgesproken?

vrijdag, augustus 20

Auw auw auw, ik ga door mijn rug

Ja zuster, nee zuster...

Vanmorgen leek een dag te worden als elk andere. De wekker ging om zeven uur, met een duffe kop drukte ik hem uit en draaide me nog even om. Natuurlijk versliep ik mij weer en had net tijd genoeg voor het dagelijks ochtendritueel. Maar toen klonk er een hulpkreet van Wim. Hij had ineens heel erge last van zijn rug en kwam amper zijn bed uit. Oei, dat klonk niet zo goed. Van de week had hij al wat last van zijn rug maar vanmorgen kwam hij was het wel heel erg. Ik moest naar mijn werk, daar kon ik niet onder uit dus met een bloedend hart gaf ik hem een zoen en ging op weg. Wim zou zich ziek melden en een afspraak met de dokter maken. Nu is het niet zo makkelijk om een afspraak met onze huisarts te maken. Je mag alleen tussen 2 en 4 bellen voor een afspraak en dan mag je blij zijn als je 3 dagen later aan de beurt bent. Inderdaad, er was geen plaats meer voor Wim maar hij moest wel even zijn urine brengen en kreeg pijnstillers. Zijn urine is goed, dus zijn het waarschijnlijk zijn spieren aldus de assistente.

Tja, nu begin ik mij schuldig te voelen want ik denk zijn rugklachten mijn schuld zijn. Van de week had ik het ’s nachts bloedheet en alleen een open raam hielp niet. Dus had ik een ventilator naast het bed gezet die de lucht lekker net over mij heen blies, maar waarschijnlijk kwam de koele wind wel heel de nacht tegen de blote rug aan van Wim. Gevolg, zeer pijnlijke spieren. Je kan dus begrijpen dat ik mij vandaag zeer rot voelde, rot en schuldig. Ik had hem een paar keer gebeld en dan klonk hij zo zielig. Gelukkig heeft Paula hem vandaag wat gezelschap gehouden.

Het is trouwens niet de eerste keer dat ik Wim gepijnigd heb. Een paar jaar geleden waren we wat aan het stoeien. Ik was in een melige bui en wou Wim het een snoeiduik bespringen. Maar midden in de vrije val bedacht ik mij dat iemand met mijn lengte en postuur dat soort dingen beter niet kan doen. Ik brulde nog wel “Van onderen…..” maar in de sprong zette ik mijn handen naar voren om mijn val enigszins te breken en een van mijn handen belandde dus op de borst van Wim. Gevolg: een gekneusde rib die weken langs pijnlijk was. Een speels cadeautje van mij zodat hij aan mij kon denken. Ik denk dat hij liever een bos bloemen had gehad.

donderdag, augustus 19

Palinkje happen?

Hier wonen de Harderwijkse viswijven

Vandaag was eindelijk de dag dat onze nieuwe koelkast binnen zou komen. In eerste instantie zou Paula hier de wacht houden omdat zij vakantie heeft en Wim en ik moesten werken. Maar om eerlijk te zijn is het vrij rustig op het werk, een vrije dag lonkte wel dus gisteren een vrije dag aangevraagd. Wim was ook op hetzelfde idee gekomen dus stonden wij hier vandaag met drie man sterk de koelkastbezorgers op te vangen. Paula was amper binnen of de bezorgers stonden al voor de deur. Paula zag ze en rende naar binnen “Pak je fototoestel, je fototoestel” siste ze mij toe. Een van de bezorgers van het mannelijk geslacht bleek zeer in de smaak te vallen. En inderdaad, het was een erg lekker ding, niks mis mee. Paula trotseerde de harde wind en spatregen en stond buiten om maar een glimp van de knappe bezorger op te vangen. De andere, wat oudere en kalende, bezorger keurde ze geen blik waardig. Het waren trouwens heel aardige mannen en ze zette de nieuwe koelkast netjes op zijn plaats. “De stekker mag er pas over 24 uur in” werd mij verteld. Jakkes, dat was nog een vieze tegenvaller. Moeten we nog een dag wachten voor we heerlijk gekoeld drinken krijgen.

Omdat de koelkast al zo vroeg bezorgd was, was er dus nog ruimte over om wat leuks te gaan doen. Medemblik, Enkhuizen, Amsterdam, Zwolle waren opties maar de keuze viel uiteindelijk op het oude vissersstadje Harderwijk. Veel mensen kennen deze stad alleen van het Dolfinarium maar het heeft ook een heel mooi en vooral oud centrum. Het waaide nog wel een beetje maar de regen was verdwenen en had plaats gemaakt voor een helder blauwe lucht met een verwarmend zonnetje. Heerlijk weer. Na een paar winkeltjes (en de nodige antiekzaken voor Wim) kwamen we uiteindelijk aan bij de Grote Kerk van Harderwijk die open was voor bezichtiging. Wij vinden het heerlijk om door zo’n oude kerk te lopen en ook deze kerk was meer dan de moeite waard. Op een gegeven moment zaten Paula en ik op een bankje te kijken naar de prachtige 16de eeuwse tekeningen boven in de gewelven. “Zo krijgen jullie kramp, ik heb nog wel een paar spiegels liggen”. Voor ons stond een oude man met een vriendelijk en zacht gezicht, waarschijnlijk de koster van de kerk. Paula en ik bedankte voor de eer en Paula zei dat ze de tekeningen liever live wilde zien. De koster kwam gezellig bij ons zitten en we raakten aan de praat. Hij vertelde over de prachtige tekeningen en de geschiedenis van de kerk. Ondertussen kwamen er een paar mensen bij ons staan die de verhalen ook heel interessant vonden. Helaas konden we niet zo heel lang blijven want onze parkeerkaart liep af. Op de terugweg naar de auto hebben we nog een heerlijk Italiaans ijsje gegeten. Maar Paula wou ook nog een visje happen nu we toch in Harderwijk waren. Het werd een broodje paling voor Wim en Paula en ik nam een zure bom (Nee, ik ben niet zwanger.) Al met al was het weer een heerlijk en onverwachts dagje uit. Dit zijn van die uitjes die het leven het moeite waard maken. Zometeen begin ik aan het avondeten: Spareribs met ijsberg-salade en gebakken krieltjes. Wat kan een mens toch genieten van de kleine dingen van het leven…

woensdag, augustus 18

Dag Amsterdam

Ons straatje

Lelystad??? Dat gehucht is dichtgeplakt met kranten!!! Dat kregen mijn ouders bijna 30 jaar geleden te horen toen ze besloten om van Amsterdam naar Lelystad te verhuizen. Onze familie verklaarde mijn ouders voor gek om uit Amsterdam te vertrekken. Maar mijn ouders wisten wel beter. Wij woonden in een etagewoning op de derde verdieping ergens in Nieuw-Zuid. Nu misschien een normale wijk in Amsterdam, maar in de jaren ’60 – begin ’70 toen wij er woonden was het DE koude kak buurt. De buurt werd voornamelijk bevolkt door oude besjes die hun gezichten dik plamuurde met rouge, lippenstift en oogschaduw. Van die bejaarde nufjes met bontjas die met hun neus hoog in de lucht over straat paradeerde. Die typjes die bij de groenteman om 3 worteltjes voor hun konijn vroegen (ja-ja...) of bij de slager even gemakkelijk 4 plakjes rookvlees wilde hebben. En daar woonde wij dus tussen, een doorsnee gezin met drie kinderen. Mijn moeder voelde zich diep ongelukkig tussen dit soort buren, bovendien kwam onze onderbuurvrouw rechtstreeks uit de hel. Als wij of onze visite iets te veel lawaai maakte, rende ze naar de zolderkamer recht boven ons en ging met een bezemsteel keihard op de grond lopen stampen. Dit treiter gedrag pikte mijn ouders weer niet, het gevolg: ruzie. Het ging zelfs zo ver dat “de buurvrouw uit de hel” al op tilt sloeg als de visite met de stoel over de grond schoof. Ook kwam ze vaak scheldend en tierend naar buiten gestormd als wij (misschien iets luidruchtig als kleine kinderen betaamt) de trap af kwamen. Dat haar man al ruim 3 jaar achter elkaar bezig was om tot ’s avonds laat de woning te verbouwen telde zeker niet. Mijn moeder werd er dol van en vervloekte de man en zijn eeuwig gezaag, geboor en getimmer. En zie, haar wens werd verhoord toen een paar dagen later de buurman 6 van zijn vingers afzaagde met een cirkelzaag. Tjop tjop tjop, van het verbouwen hebben we nooit meer wat gehoord.

Mijn ouders besloten dat ze hun kinderen niet ergens driehoog achter en met de opkomende drukte en criminaliteit wilde laten opgroeien en besloten Amsterdam te ontvluchten. Hoofddorp en Uithoorn vielen af en het werd dus uiteindelijk Lelystad. We kregen een prachtige woning met 3 verdiepingen!!! Het eerste wat wij deden was constant de trap op en af rennen. Heerlijk, geen schreeuwende buurvrouw in de buurt. Lekker buiten spelen zonder bang te zijn om onder een auto te komen…. Ik ben mijn ouders nog altijd zeer dankbaar dat ze destijds deze keuze hebben gemaakt. Ondertussen woon ik dus al bijna 30 jaar in Lelystad. En ik moet bekennen, de stad verdient geen schoonheidsprijs: Alleen nieuwbouw, geen gezellig stadshart, zeer beperkte uitgaansgelegenheid, matig aanbod van winkels… Maar daarin tegen weer: mooi ruim opgezet, veel groen, zeer betaalbare mooie woningen, lekker centraal, veel natuur.

Ondertussen is Lelystad mijn stad geworden en ik voel me er thuis. Ik ken veel van de mensen, ik ken de wijken en elke keer als ik op de A6 Lelystad weer zie naderen, voel ik mij thuis. Als ik mijn straat in rij en ons huisje zie staan voel ik mij trots. Trots dat ik hier kan en mag wonen. Dichtplakt met kranten is Lelystad voor de familie schijnbaar nog steeds want de afstand van Amsterdam naar Lelystad is blijkbaar veel verder dan vice versa want visite uit Amsterdam krijgen we zelden, maar er wordt wel steeds verwacht dat wij op komen draven. En ach, Amsterdam is een leuke en gezellige stad. Ik kom er graag maar zou er voor geen geld meer willen wonen!!! Dan maar liever een leven achter de kranten.

dinsdag, augustus 17

Pompoensoep

De lachende pompoen

Vandaag krijgen jullie maar een kort logje van mij. Reden? Heel weinig tijd. Vandaag had ik Wim en Paula beloofd om een pompoensoep te maken van de pompoen die we zondag hadden meegenomen van de pompoenenfair. Dat kwam trouwens goed uit want ik had enorme honger gekregen op het werk. Bij mijn rondje van alle weblogs die ik lees werd ik lekker gemaakt: Paula, Rozebeer, Rene, Michel, Jolietje en Krijn hadden het allemaal over lekker eten. Het kwijl liep mij al uit de mond. Ik moest maar afwachten of de pompoensoep vanavond lekker zou worden want ik had nog nooit met pompoenen gekookt. Terwijl Wim en Paula een eindje gingen lopen, dook ik de keuken in. Het vruchtvlees van de pompoen was keihard en ik had er zelf een hard hoofd in dat de soep iets zou worden. Ui, paprika, pompoen, aardappels, sambal, bouillon en diverse kruiden zijn de ingrediënten en dat alles lekker pureren en afmaken met peper en zout. Ondertussen kreeg ik ook mijn zus en zwager op visite, dus ik kon de soep eerst op hen uittesten en die vonden hem wel lekker. En ik moet ook bekennen, de pompoensoep is een blijvertje. Dit maak ik binnenkort nog wel eens. Heerlijk met versgebakken brood en verse ananas toe…. Jeffie’s maag zit vol en nu zitten we een leuke film aan het kijken “School of rock” maar ik ben er even tussenuit gepiept op dit logje te schrijven. Morgen krijg je een langer logje. Tot morgen…

Update:
Speciaal voor Krijn het recept...
Pompoensoep met paprika

Ingredienten:
1 ui, 1 rode paprika, 2 aardappelen, 2 el olie, 1 tl gemberpoeder, 1 tl gemalen komijn, 2 tl gemalen koriander, 500 gr pompoenblokjes, 2 tuinkruidenboulliontabletten, zout, peper, 1 à 2 el sambal, 125 ml crème fraiche, 1 takje peterselie.

Bereiding:
De ui pellen en snipperen. De paprika wassen, schoonmaken en in blokjes snijden. In een soeppan de olie verhitten en de ui en paprika ca. 2 min. fruiten. Dan het gemberpoeder, de komijn en de koriander erdoor roeren. De pompoen, de aardappel, de boullionblokjes en 1 liter water toevoegen, de soep aan de kook brengen en ca. 20 min. zachtjes laten koken. De soep met een staafmixer pureren. Indien nodig de soep met water nog enigszins verdunnen en hem op smaak brengen met zout, peper en sambal. De soep over 4 kommen verdelen en een lepeltje crème fraiche in het midden van de soep scheppen. De peterselie erboven fijnknippen.

Eet smakelijk!

maandag, augustus 16

Het Spaanse graan heeft de orkaan doorstaan

Ajax languit

Gisteren waren we lekker bijtijds thuis, dus kon ik eindelijk “My Fair Lady” kijken op DVD. Deze ligt al een tijdje in onze kast om gerecenseerd te worden. Maar goed, de film duurt bijna 3 uur dus moet je wel aan het begin van de avond de dvd in de speler leggen. Van de week kwam er telkens iets tussen. Wim moest een aantal keren in de avond werken of we kregen visite. Gisteren dus niets van dat alles. Heerlijk, My Fair Lady met Audrey Hepburn en Rex Harrison. Ik ben dol op musicals en er zitten dan ook veel in onze DVD-collectie. De muziek uit deze musical is ook fantastisch om naar te luisteren en vele mensen kennen deze liedjes zonder te weten dat ze uit deze film komen.

Onze rode kater Ajax, verblijdde ons gisterenavond ook ineens met een bezoekje. Tijdens het warme weer was hij meer buiten dan binnen. Alleen om even te eten kwam hij naar binnen om met een volle buik weer te vertrekken. Maar gisteravond had hij schijnbaar genoeg van het horten en besloot mijnheer thuis te blijven. Hij had zijn plekje al gevonden. Op de grond, vlak voor onze sub-woover lag namelijk een plastic tasje. Ik weet niet of het katten eigen is, maar Ajax is dol op plastic zakjes/tasjes en dozen. Het maakt niet uit hoe klein de doos is, maar Ajax perst zijn rode dikke kattenkont er wel in. Vaak ligt hij helemaal opgevouwen is zo’n doos. Echt comfortabel is het niet maar Ajax lijkt dan zeer content.

Zo dus ook gisteren. Mijnheer zag de plastic tas en het had meteen zijn aandacht. Een paar minuten later lag hij prinsheerlijk op te slapen. Wij waren ook best wel moe en lagen lekker op de bank naar My Fair Lady aan het kijken. Op een gegeven moment zijn ze op Ascott bij de paardenrennen. Het gedonder van de naderde paardenhoeven zwellen aan via de achterspeakesr en ineens horen wij de paarden ook aan de voorkant voorbij denderen. Een sub-woofer produceert de lage tonen bij een film en aangezien de plastic tas waarop Ajax lag, vlak voor de woofer lag begon deze heftig te trillen en te ritselen. Ajax schrok zich een hoedje en sprong met 4 poten tegelijk de lucht in. Verwilderd keek hij naar het plastic tasje dat nu ineens weer roerloos op de grond lag. Voorzichtig kwam hij dichterbij, maar durfde niet meer echt in de buurt te komen. Hij kwam bij ons verhaal halen. Hij sprong op de bank, recht voor mijn gezicht zodat ik niet meer naar de televisie kon kijken. Ik kon er niks aan doen, ik moest zo lachen om Ajax. Maar dat liet hij zich niet over zijn kant gaan. Parmant draaide hij zich op, zijn kop recht in de lucht en liet mij zijn rode kont zien. Langzaam ging hij weer zitten met zijn kont naar mij toe. Katten kunnen niet praten maar laten wel merken hoe ze over de zaken denken.

zondag, augustus 15

Soep zonder ballen

Een heerlijk geurend soepje van pompoen en courgette

De zondag is bij ons “uitjes-dag” geworden. Elke zondag plannen we wel wat leuks om te gaan doen. Was vorige week nog het Bijbels Openluchtmuseum aan de beurt, waar ik letterlijk uitdreef. Vandaag was het de beurt aan een ander uitstapje. In de krant had ik een klein berichtje gelezen over een “pompoenenfair” in Rutten. Rutten???? Ja Rutten, een klein dorpje in de Noordoostpolder, zo’n 7 kilometer onder Lemmer. Tja, wat moet je daar nu bij verwachten? Ik had geen idee en dat maakte het juist zo interessant voor mij. Vanmorgen stond Paula om 10 uur al voor onze deur want die leek het ook wel leuk. Dus nog even broodjes gesmeerd, drinken meegenomen en op naar Rutten… Het was redelijk makkelijk te vinden en de rit ernaartoe was gezellig. Het bleek te gaan om een pompoenen-kwekerijk midden tussen andere boerderijen buiten het dorp. Een klein wit bordje dat makkelijk over het hoofd te zien was, wees de weg. De laatste boerderij aan het smalle weggetje bleek de juiste te zien.

De fair werd georganiseerd door een stelletje boerenbedrijven in de buurt die veel samenwerken. De fair was niet zo groot en bevond zich in de boerenschuur omdat het weer een onzekere factor was. Er stond een kraam van een Iris- en Hemerocalliskwekerij, Een bamboekwekerij en natuurlijk de pompoenenkwekerij annex kaarsenmakerij van Jelly en Jan Dingemans. Helaas waren niet alle pompoensoorten aanwezig (in totaal bijna 100 verschillende soorten) want door de slechte juni-maand duurde alles iets langer werd ons door de gastvrouw zelf uitgelegd. Wij kregen echt een hele uitgebreide uitleg welke soort pompoen geschikt was voor welk gerecht. Nu wil ik al een tijdje verse pompoensoep maken dus dat kwam mooi uit. Ook vertelde de gastvrouw dat de beloofde palingrokerij op zondag niet was komen opdagen en ze eigenlijk lieten stikken. Dat was jammer want Wim en Paula hadden zeker wel een palinkje gelust. Maar ik wist dat er ook een Hongaarse kok aanwezig was, die een heerlijke pompoen-courgettesoep zou maken, met lekker boerenbrood die met een Hongaars wijntje of biertje gedronken kon worden. Nou, dat lokte wel. Dus begaven wij ons naar buiten.

Op het geïmproviseerde terrasje was het rustig, wij waren de enige. Ondertussen was de mist opgetrokken en het zonnetje liet zich van zijn beste kant zien. Aan de zijkant van het terass stond op een speciaal fornuis een grote pan met soep te pruttelen. Ja, het zag er goed uit. Dus Wim en ik gingen voor de soep en Paula wou alleen een wijntje. Ze was trouwens slecht aanspreekbaar want het stikte van de wespen en wespen en Paula gaan niet samen. De tafel werd voor ons gedekt, de soep werd in hangende keteltjes geserveerd met een plak versgebakken brood en spek en de drank. Ik voelde mij een god in Frankrijk. Paula duidelijk niet. Voor geen goud ging ze op haar stoel zitten waar haar glaasje witte wijn al voor haar klaar stond. Toen eigenaar Jan en kok Kasparus zagen hoe panisch Paula op de wespen reageerde kwamen ze direct aan met wespenlokkers en de kok wou zelfs de wespen verjagen. Ik heb mij meesterlijk geamuseerd. Van achter mijn keteltje soep keek ik toe hoe Paula gillend langs kwam gerend met een paar wespen in haar kielzog die wel zin in het spelletje hadden en haar de stuipen op het lijf jaagde. Eigenaar Jan besloot zelfs met een theedoek achter Paula’s stoel te gaan staan om zo de wespen weg te slaan. Heel erg lief en enorm attent. Maar Paula heeft tien seconden gezeten, want de wespen vonden het spelletje te leuk en ondernamen weer een snoekduik op Paula die gillend van tafel sprong en dit keer had ze niet alleen de wespen in haar kielzog maar ook Jan rende erachteraan in een poging om de wespen bij haar weg te slaan, tevergeefs. Er zat voor ons maar een ding op. Ons eten bij elkaar pakken en alles binnen opeten en drinken, waar er amper wespen waren. De lol was er voor Paula vanaf en die trok een spurt van de fair naar de auto, het veilige thuishonk. Toen wij van het erf afreden werden wij uitbundig nagezwaait door Kasparus en Jan. Tja, waar vindt je tenslotte ook onverwachte gratis straat-amusement? Hoewel de fair niet zo uitgebreid was, was het echt de moeite waard. Wat een vriendelijk mensen daar in Rutten. Ze gaven je echt het gevoel thuis te zijn en wij zijn dan ook met pompoen en een Iris vertrokken. In september hebben ze weer een fair, dit is zeker de moeite waard.

Van Rutten ging de reis naar Almere, want Wim had aanplakbiljetten gezien voor een paranormale beurs. Interessant want Paula had in Schotland een aura-foto laten maken en Wim wilde zijn aura ook wel laten fotograferen. Bovendien konden we daarna Paula afzetten bij de verjaardag waar ze moest zijn. De paranormale beurs bleek dus een week later pas te zijn. Maar oh, de verrassing: er was wel een vlooienmarkt. Getverdemme!! Ik ben er weer ingeluisd!!! Na een lekker verkwikkend ijsje bij Mariola gingen we dus op zoek naar de vlooienmarkt. Die hadden we gevonden, het bleek een kleine openluchtmarkt te zijn, waar ook nog eens 2 euro entree gevraagd werd. Belachelijk natuurlijk dat je moet betalen om wat te kopen. Stel je voor dat je ineens een euro moet betalen om de Albert Heyn in te mogen of 50 eurocent om even de zaterdagmarkt over te gaan. Wim is principeel en weigert voor zo’n markt te betalen. Mij hoor je natuurlijk niet klagen, ik vind het allang best. Het was al met al weer een heerlijk dagje geweest. Op naar het volgend uitje volgende week? Zal het de paranormale beurs worden?

zaterdag, augustus 14

We hebben er een…

Koelkast hier, koelkast daar, koelkast overal...

Vandaag was de dag. Vandaag gingen we op jacht naar de nieuwe koelkast. Het doel van onze reis was Doe Mere in Almere waar een aantal van die elektronicazaken bij elkaar zitten. Maar de eerste stop was bij Paula en Gerard die gisteren waren weder gekeerd uit Schotland. We hebben alle verhalen aangehoord en de foto’s bekeken en wij weten het zeker. Ook wij gaan binnenkort de Schotse hooglanden eens bezoeken. De mensen waren heel vriendelijk en zeer behulpzaam en op een of andere manier had Paula weer constant “sjans” van homo’s. Ze is toch duidelijk wel de nieuwe homo-moeder en vertegenwoordigt Nederland goed als "The Gay-mother from Holland". Het is volgens haar opmerkelijk hoeveel hotels in Schotland adverteren dat ze gay-friendly zijn. Ze zijn trouwens met veel teruggekomen. Paula had de portemonnee flink getrokken en o.a. schoenen en andere zaken gekocht. Ook wij kregen een cadeautje, een koelkastmagneetje met een Schotse man, een slaset en een doosje met ansichtkaarten. Gerard was met iets anders teruggekomen, een hielblessure en kon amper lopen. Een doedelzak of Schotse Kilt hebben ze niet aangeschaft.

Na een korte pitstop ging we op weg. Paula ging mee want we moesten ook nog even boodschappen doen bij de Maxis en Paula had ook nog boodschappen nodig. Maar eerst dus naar Doe Mere. De eerste winkel waar we binnenliepen was niks. Op elk apparaat stonden alleen adviesprijzen en je moest dan met de verkoper onderhandelen over de prijs. Ja hallo, dat is dus duidelijk niet mijn sterkste kant. Ik wil liever dat ik meteen een kant en klare lage prijs krijg, dus dat werd hem niet. Hun assortiment was ook veel te klein. Ook in de andere twee winkels zijn we niet geslaagd. Onderweg naar de It’s lag Paula trouwens nog in een deuk. Op een bordje stond “Meer potten e.d. boven”. Vertwijfeld bleef ze onder aan de roltrap staan. Wat was daar boven voor spannends te vinden? Nou, meer potten en pannen dus.

In Doe Mere konden we niet slagen, dus hadden we nog een kans. De Maxis, daar hebben ze een “Block” en daar zijn we uiteindelijk geslaagd. Hoera! Wij hebben een nieuwe koelkast, het is een Zanussi geworden en donderdag wordt hij afgeleverd. Dat moest gevierd worden, dus had Paula nasi voor ons gemaakt. Helaas hebben we niet zo veel kunnen eten want we hadden bij de Burgerking onze verlate lunch al gegeten en we zaten allemaal nog plofvol. De andere bezoekers van de Burger King verloren hun eetlust trouwens toen Paula besloot haar Big Burger XXL te ontleden en alleen het lapje vlees, dat droop van de saus en gesmolten kaas, als een haring te eten. Het leek een beetje op een beschimmelde leren lap en dat vonden de andere bezoekers waarschijnlijk ook want die draaiden hun hoofd in afschuw om. Voor ons alleen maar een verhoging van de feestvreugde. Na Paula’s bekende wespen-gil besloten wij dat het tijd was de Burger King te verlaten. We hadden alweer genoeg schade aangericht.

vrijdag, augustus 13

Before the parade passes by

Dit jaar helaas geen Parade.

In mijn log van gisteren had ik het toch over mijn afdelingsuitje naar de Parade? Nou, die is inderdaad letterlijk en figuurlijk in het water gevallen. Even voor ik naar Amsterdam zou vertrekken werd ik gebeld door mijn chef. Het afdelingsuitje ging niet door. Niet door de regen maar omdat twee collega’s ruzie hebben gehad en een van de twee boos naar huis is gegaan. Nu bestaat onze afdeling maar uit 5 personen dus werd er besloten dat het uitje maar te verschuiven naar een later data. Aan de ene kant jammer maar aan de andere kant kwam de regen met bakken uit de hemel. Om voor 2 uurtjes te komen werken in Amsterdam vond ik zonde, dus vroeg ik de rest van de dag ook vrij. Dat was gelukkig goed. Dat kwam mooi uit want dan konden Wim en ik op zoek naar een andere koelkast.

Wim wist wel een witgoedhandel die witgoed met kleine beschadigingen voor een leuk prijs verkocht. De winkel lag in de buurt bij de kringloopwinkel. Wij zoeken en zoeken, maar de winkel niet kunnen vinden. “Tja, dan maar even sneupen bij de kringloopwinkel”, zei Wim. Ik had het gevoel of ik erin geluisd was. Ik moet eerlijk bekennen dat ik het niet zo heb op kringloopwinkels of tweehandswinkeltjes. Het klinkt waarschijnlijk enorm aqrrogant, maar ik voel me zo armoedig als ik tussen het afval en afdankertjes van andere mensen moet snuffelen. Ik sta dan echt verloren tussen het incomplete theeservies uit het jaar nul en de fel gebloemde bankstel met kitscherige franje die zo uit het kamertje van opoe komt. De muffe geur komt je al tegemoet als je er binnenkomt. Nee, niks voor mij en ik duik dan maar meteen in de hoek met boeken en cd’s/lp’s. Het valt mij trouwens nog op dat zo’n kringloopwinkel behoorlijke prijzen durft te vragen voor sommige dingen. Zo stond er een leuk kookboek en die moest maar liefst 5 euro kosten. 5 euro terwijl hij nieuw in de witte boekhandel nog geen 10 euro kost. Ook zag Wim een leuk kastje, oud maar in erbarmelijke staat zonder hang en sluit werk, afgebladerd en een kapotte zijkant. Dat moest nog 225 euri opleveren. Afzetters!! Uiteindelijk zijn we alleen met een kruidenrekje voor Paula weggegaan voor een aardig prijsje. Naar het zoeken van een nieuwe koelkast is die middag niks meer gekomen, dat doen we zaterdag wel hebben we besloten.

donderdag, augustus 12

Hij is niet meer….

Een laatste afscheidsfoto

Het is officieel. Volgens de mijnheer van Bosh heeft onze koel-vriescombinatie de geest gegeven. ‘”Jah, iek zie et al, ein bolle achterkhant. Hai ies lek. Hai ies overlede”, zei de monteur met een duidelijk Duits accent en hij sloeg een kruisje. Ik stond erbij en keek ernaar. Moest ik nu in de rouw? Mijn hoofd met treurnis laten zakken en een traantje pinken? Nou, mijn hoofd stond ergens anders na want de voorrijkosten waren € 87,=. En het enige wat ik op dat moment kon denken was “Shit, daaaag € 87,= minder en nog geen werkende koel-vriescombinatie.” In tegenstelling tot alle vooroordelen van de Duitsers, was mijn monteur zeer vriendelijk en bracht geen kosten in rekening. Toch nog een kleine pleister op de wond. Maar toch baal ik als een stekker. Wij hebben deze koel-vriescombinatie 8 jaar geleden voor 2000 gulden gekocht. Niet echt goedkoop. Dan verwacht ik niet dat hij al zo snel de geest geeft. Maar goed, het zat eraan te komen he. Eerst een kapitaal aan de auto kwijt, nu shoppen voor een nieuwe koel-vriescombinatie, volgende maand Eurodisney. Ik mag mijn baas wel om opslag vragen.

Vanmiddag heb ik trouwens het afdelings-uitje van het werk. Als Wim om twee uur thuis is, stap ik in de auto en ga richting Parade in Amsterdam. Het wordt een herhaling van vorig jaar want De Parade was vorig jaar goed bevallen. Al ben ik bang dat het vorige keer beter weer was en ons uitje van vandaag in het water valt want hoog aan de hemel pakken donkeren wolken zich samen. Mooi begrafenisweer voor onze koelkast maar niet om te flaneren op De Parade.

woensdag, augustus 11

En de donder rolt...

En de donder rolt en de bliksem kraakt.

Met een flits en veel lawaai brak vanmorgen de hemel op. Ik zat meteen rechtop in bed en keek naar een grauw-gele lucht die dikke regendruppels uitspuwde. Met een sprong stond ik naast mijn bed, met een vlugge maar voorzichtige beweging deed ik het raam dicht dat wijd open stond. Nee, ik ben niet bang voor onweer, ik ben alleen heel voorzichtig!!

Volgens mij neem je als kind de angsten over van je ouders. Mijn moeder was panisch voor wespen. Als ze er een zag begon ze als een wilde om zich heen te slaan en als een olifant in een porseleinkast begon ze te rennen, het maakte niet uit waar ze zich bevond en in welk gezelschap ze was. Mijn vader had weer een andere angst, juist!! Onweer. Als kind heeft hij een paar keer dichtbij de bliksem in zien slaan en dat heeft een behoorlijke indruk op hem gemaakt. Maar door de jaren heen hoor je zelf ook de horror-verhalen van ingeslagen bliksem. Zo is daar het verhaal van de ex-voetballer Jan Jongbloed, die in Amsterdam-West na zijn voetbalcarrière een sigarenwinkeltje bij ons in de buurt begon. Zijn zoon Erik werd op 22 september 1984 tijdens een voetbalwedstrijd dodelijk door de bliksem getroffen. Mijn oma kwam in mijn jeugd met een ander verhaal. Bij haar in de buurt was een vrouw door de bliksem getroffen. Het ging om een schoolmoeder. Het schoolklasje en de begeleiders waren naar het Vliegenbos in Amsterdam-Noord geweest, toen het begon te onweren besloten ze terug naar school te gaan. Op het moment dat de vrouw het ijzeren schoolhek opende, sloeg de bliksem in het hek. De vrouw was op slag dood. En een paar weken geleden is 3 huizen naast mijn broer ’s nachts de bliksem ingeslagen. Een dikke vuurbal ging door de zolder waar een kind lag te slapen. Het ventje durft nu niet meer de zolder op. Vind u het vreemd dat ik met zulke verhalen voorzichtig ben?

Als het onweert krijg je mij echt met geen stok de straat op. Bliksem slaat altijd in het hoogste punt, ik ben 195cm hoor!!! Ik kan natuurlijk op mijn hurken door de straten lopen, maar sta ook weer niet graag voor schut. Dus blijf ik met onweer thuis, de ramen en deuren gaan dicht en bij heftig onweer gaat ook de kabel van UPC eruit. Slechts een keer heb ik een uitzondering gemaakt. Ik werkte redelijk in de buurt van mijn huis en was contactpersoon voor de alarmcentrale en mocht bij alarm met de sleutel naar het bedrijf komen. Het was die nacht echt noodweer. Stortregens en heftig onweer. En ja hoor, midden in de nacht gaat de telefoon. Een alarmmelding bij het bedrijf. Tja, dan moet je wel. Ik kan je wel vertellen, ik heb peentjes gezweet en 10 kleuren stront gepoept van angst. Het is een wandeling van 10 minuten en ik heb echt langs de kant van de huizen gelopen en ben kletsnat maar zonder zwart knapperig korstje aangekomen. En ja hoor, die nonchalante collega had voor de zoveelste keer zijn raam weer opengelaten. Op dat moment kon ik die vent wel wurgen. Op de terugweg heb ik mooi een taxi genomen want ik ging echt niet weer teruglopen met al dat natuurgeweld.

Vanmorgen was ik dus een half uur te laat op mijn werk, want ik heb mooi gewacht tot het onweer was afgelopen. Bang niet, wel voorzichtig.

dinsdag, augustus 10

Remember September

Lekker stukkie bruidstaart

Kennen jullie Professor Zonnebloem uit Kuifje? Of professor Barrabas uit Suske en Wiske? Dr. Snuggles dan? Tel deze bij elkaar op, neem daar het kwadraat van en zo vergeetachtig en chaotisch ben ik. Ja echt, zonder dollen. Ik ben een super chaoot. Hoe vaak komt het wel niet voor dat ik dubbele afspraken maak of ik kom er na een week achter dat ik de zoveelste verjaardag vergeten ben. De familie en vooral de schoonfamilie kennen dit negatieve kantje ook al van mij. Toen Wim en ik twee jaar geleden in het huwelijksbootje traden was een van de cadeautjes van mijn gezamenlijke schoonfamilie een verjaardagskalender waar alle verjaardagen een dag te vroeg op staan… Nou, ik kan je wel vertellen, het helpt…… voor geen meter! Als ik naar het toilet ga, hangt de kalender pontificaal voor mijn snufferd. Oh ja, Pietje is morgen jarig. Niet vergeten om te bellen. Maar 10 minuten later ben ik het alweer vergeten.

Maar niet alleen verjaardag vergeet ik, ook afspraken schieten er wel eens tussendoor. Hoe vaak komt het wel niet voor dat ik een agenda aangeschaft heb en mij voorneem om alles nu eens goed bij te houden. Alleen dan moet je wel altijd je agenda meenemen en hem goed bij houden. Maar met zo’n chaotisch brein komt dat sporadisch voor. Ik heb mij er ondertussen maar bij neergelegd en hoop elke keer dat de schade elke keer maar mee valt en ik niet te veel vergeet.

Maar vandaag liep ik weer aan tegen een product van mijn eigen stommiteit. Wat was er namelijk aan de hand? Een paar weken geleden heb ik het uitje naar Disneyresort Paris gepland samen met Paula, Gerard, Wim en ik. Wim en ik hadden in September lekker twee weken vakantie genomen en de trip gepland op vrijdag, zaterdag, zondag en maandag midden in onze vakantie. Dan hadden wij nog een klein weekje om bij te komen van alle indrukken en natuurlijk de lange autorit.. Maar even voor vijven vanmiddag kwam ik erachter dat ik het uitje een week te laat heb geboekt. Stress!!!!!!! Want de reis is al geboekt en de week na mijn vakantie gaat mijn collega een weekje weg en de servicedesk op het werk moet bemand zijn. Wat nu? Tja, dat weet ik ook even niet. Er zal wel een mouw aan te passen zijn, maar echt slim is het niet. Vooral als je nagaat dat ik vorig jaar ook al een week te vroeg had vrij genomen. Sommige volksstammen leren het ook nooit.

maandag, augustus 9

Liefde voor muziek

De geur van een bloem...

Sinds ik een klein Jefje was ben ik al bezig met muziek. Althans met muziek luisteren. Al na 15 lessen op een elektronisch orgel besefte ik dat ik nooit een ster muzikant zal worden en nadat je mij eenmaal hebt horen zingen, wil je dat nooit meer. Maar muziek kan mij wel in extase brengen. Dus stort ik me op het muziek luisteren. Al sinds mijn jeugd ging al mijn zakgeld op aan singletjes. Elke vrijdag als ik mijn zakgeld had gehad, haastte ik mij naar de platenwinkel. Nadat de nieuwe top-40 bekend werd, werden de oude singles in de uitverkoopbak geplaatst en dan waren ze maar 4 voor 5 gulden. En zo werd mijn geduld toch nog beloond. Maar je moest er natuurlijk snel bij zijn want de leukste single’s waren natuurlijk snel weg. Op bepaalde single’s wilde ik niet wachten. Ik was dol op de meidengroepen en stond vooraan als er weer een nieuwe single van Luv’ uit kwam.

Het gekke is dat ik bij bepaalde liedjes nog steeds weet waar ik hem gekocht heb of wat er gebeurde toen ik het nummer voor het eerst hoorde. “Zoek jezelf” van Van Kooten en De Bie was mijn eerste single. Met “Het Smurfenlied” van Vader Abraham lag ik 6 weken met jeugdreuma in het ziekenhuis. En zo kan ik wel even doorgaan met de muzikale herinneringen van mijn leven. Sommige zijn leuk, sommige zijn verdrietig. Ik hoor een bepaald nummer en ik zie de oude beelden als een film in mijn hoofd voorbij gaan, hoor de stemmen, ruik de geur. Natuurlijk is de ene herinnering sterker dan de ander. Er zijn dan ook liedjes die ik (nog) niet kan horen, omdat de herinneringen te sterk zijn. Deze herinneringen zou ik eigenlijk met anderen willen delen, het zou zo zonde zijn als ze verloren gaan. Maar sommige herinneringen zijn te intens om te delen, zelfs niet met mijn geliefden. Die herinneringen zitten diep verborgen in een kamertje van mijn hart, maar soms ontsnapt er eentje bij de tonen van dat ene liedje. En een beetje melancholisch zing ik mee, ik sluit mijn ogen en kijk naar de film die zich aan het binnenkant van mijn ogen speelt…

zondag, augustus 8

Hallelujah kameraden

Drinke drinke drinke, totte we zinke...

Omdat thuis zitten met dit hete weer niet echt een optie was besloten wij vandaag om er op uit te trekken. Ik vind het leuk om een uitje te plannen en Wim daarmee te verrassen. Dus had ik dit keer het Bijbels Openluchtmuseum voor ogen. Iets waar Wim al een hele tijd naar toe wil, maar dit is een van die uitjes die er eigenlijk nooit van komt. Tot vandaag dan. De afstand tussen Lelystad en Nijmegen is behoorlijk en al die tijd zit ik heerlijk koel in de auto met airco. En het Museum bevindt zich in bosrijk gebied dus voldoende schaduwplekjes om te schuilen.

Ik rij meestal op de bonnefooi en vindt snel de plek waar ik wezen moest. Ook dit keer reed ik er in een keer op af. Ik was wel de verkeerde kant van Nijmegen binnen gereden maar ach… wat langer in de koele auto was geen straf voor mij hoor!!! Het museum was behoorlijk rustig, want wie haalt het nu in zijn hoofd om met dit weer naar een museum te gaan? Het geheel is mooi opgezet. Men loopt langs een route en komt allerlei nederzettingen tegen. Een Jordaans dorp, gebedshuis, een Romeinse nederzetting en nog meer. Maar al snel kwam ik erachter dat dit soort tochtjes ondernemen met deze tropische temperaturen eigenlijk geen goed idee is. Reeds bij de eerste stop, Beth Juda voel ik dat het mis gaat. Mijn diabetes is de laatste tijd een flinke spelbreker, abnormale zweetaanvallen, droge mond, zware vermoeidheid zijn de symptomen waar ik veel last van heb, deze worden natuurlijk ook nog eens verergerd door de zon en hoge temperatuur. De hitte schijnt Wim niet te deren, hij vliegt van hot naar haar. Huisje in, huisje uit. IK heb geen puf en zoek een stukje schaduw die ik vind aan de rand van de nederzetting bij de ezelweide. Aan de andere kant van het hek staat een ezel die ook voor de hitte is gevlucht en uit staat te puffen. Ik aai het beest want tenslotte vindt ik ezels heel leuke dieren met die grote flaporen. Als hij wegloopt zie ik ineens dat hij niet aan het puffen was van de hitte, want het beest was in het bezit van een reusachtige erectie waar menig man penisnijd van zou krijgen… Ineens ben ik heel blij dat ik aan het andere kant van het hek stond… Helemaal veilig voel ik mij toch niet en zoek Wim op die ondertussen de geitjes heeft gevonden.

We lopen naar de volgende nederzetting, Karavanserai. Het fototoestel is in het bezit van Wim, en oh wat is mijnheer actief. Fotootje hier… fotootje daar…… Ik kan echt niet meer, het gaat helemaal mis. Het voelt of ik elk ogenblik mijn laatste adem kan uitblazen. “Wel lekker vroom”, denk ik nog, “wat is mooier dan te sterven in een Bijbels Museum”. Ik voel me hondsberoerd, mijn keel is gortdroog, mijn t-shirt is kletsnat en ik wil alleen maar zitten… zitten en drinken… veel drinken. Maar een kraampje langs de weg hier? Vergeet het maar! Blijkbaar hebben Bijbel-liefhebbers weinig dorst onderweg. Op een wegenkaart zie ik dat twee dorpen verder een restaurant zit, in de Romeinse Nederzetting. In de verte zie ik Wim druk in de weer om kamelen op de foto te zetten. De beesten staan rustig te poseren en Wim maakt daar dankbaar gebruik van. Ik heb niet eens meer de puf om naar hem toe te lopen en besluit in deze oude wereld gebruik te maken van de nieuwe techniek. Ik gebruik mijn GSM en vertel hem dat ik alvast doorloop naar het restaurant, hij gaat maar lekker door met foto’s maken. Ik zie hem daar wel.

Met mijn laatste krachten sjok ik naar het restaurant. Onderweg hoor ik een klein meisje tegen haar moeder zeggen: “Kijk mama, die mijnheer is in het water gevallen” Ik kijk naar beneden en ja, het had gekund. Mijn hele shirt is kletsnat. De verkoper in het restaurant zie ik ook met een scheef oog naar mijn shirt kijken. “Twee cola light…” Dat de twee glazen € 3,60 kosten kan mij niks schelen. Al waren ze € 100,= dan had ik het er nog voor over gehad. Binnen 10 seconden zijn de twee glazen leeg maar nog steeds is mijn dorst niet gestild. Ik bestel nog 1 glas cola light en een Spa rood. En ook deze koude versnaperingen glijden dankbaar door mijn keel. Als Wim later arriveert neem ik nog een glas cola light en een suikerarm sorbetijsje. Wim ziet de staat waarin ik mij bevindt en we besluiten dat het welletjes is geweest. Terug, heerlijk naar de auto met airco en zonder zwermen wespen om op de loop te gaan. Het museum is mooi maar niet met deze temperaturen, wij komen wel een andere keer terug, in december of zo!

zaterdag, augustus 7

Waar blijft die ouderwetse winter?

Heel wat harde nootjes te kraken.

Oh, ik haat de zomer… Echt waar, het komt uit het puntje van mijn tenen als ik ze: Ik haat de zomer. Ik haat de wespen, ik haat de muggen, ik haat mijn klamme werkplek achter het raam zonder airco, ik haat de hoge temperaturen, ik haat het t-shirt dat nat van het zweet rond mijn lichaam plakt, ik haat het lamlendige gevoel maar het meeste haat ik nog de slaaploze benauwde nachten.

Ieder jaar roep ik weer dat we een airconditioning moeten aanschaffen als ik heftig puffend op bed leg, niet in staat om maar iets te doen. Maar het komt er maar steeds niet van, maar dit keer neem ik mij voor om klaar te zijn voor het volgend jaar, gewapend met airco op slaapkamer en huiskamer.

Vannacht was het weer eens mis. Ik heb namelijk de achterlijke afwijking dat ik er niet tegen kan om warme lucht in te ademen. Dat is al een van de redenen waarom ik nooit een sauna neem. Oh, ik heb het wel enkele keren geprobeerd hoor, maar binnen een minuut ren ik in paniek naar buiten en dan niet door al het bloot en hangende vellen dat daar te zien. Nee, ik kan niet tegen warme lucht. Ik vind het al erg als ik tegen mijn dekbed, kussen of Wim adem en mijn eigen warme adem terug in mijn gezicht krijg. Maar terug naar vannacht, de slaapkamerraam stond wagenwijd open maar toch was het verschrikkelijk benauwd. Toch was ik in slaap gevallen maar na een uurtje werd ik helemaal in paniek wakker. Ik had het heel benauwd en kreeg amper adem. Het zweet gutste van mijn lichaam en ik raakte in paniek. Even dacht ik eraan om de rest van de nacht in de auto te bivakkeren. Motor en airco aan en stoel naar achteren. Uiteindelijk heb ik maar een ventilator van beneden gehaald en hem zo afstelt dat de wind vlak over ons heen woei, dat gaf wat soulaas dus heb ik de rest van de nacht redelijk geslapen.

Vandaag hou ik mij lekker kalm, maar omdat Wim vandaag moet werken en hij zijn portemonnee vergeten was (sukkel!!!) moest ik wel even boodschappen doen. Tja, veel kon ik toch niet halen. De koel-vriescombinatie is nog steeds kapot. Ik had gisteren Bosch gebeld maar er kan pas donderdag een monteur langskomen. Gisteren leek het er nog op of het vriesgedeelte nog een teken van leven gaf. De temperatuur stond op -4° maar vanmorgen stond ook deze op + 6° C. Tja, dat betekend dat we het vlees in de vries moeten opeten. Ik ga zo meteen dus 6 liter kippensoep maken, eten we vanavond shoarma en kipsate en weet ik wat nog meer… Tja, zonde om weg te gooien toch?

Maar goed, ik kom net terug van de winkels, even de markt over geweest. Lekkere verse kersen gehaald en natuurlijk een pitstop bij mijn favoriete notenbar. Ik ben verslaafd aan de cashewnoten in een knapperig korstje, maar ook de macadamia’s zijn niet te versmaden. Maar dit keer heb ik eens ouderwetse pelpinda’s gehaald en dan vanavond lekker truttig naar Jos Brink kijken terwijl hij de beelden uit de oude televisiedoos laat zien terwijl we knus op de bank apenootjes aan het doppen zijn. Ik ben zo dol op nostalgie. Vooral op die ouderwetse winters, schaatsen en kraampjes met koek en zopie… Oh, wat haat ik de zomer!

vrijdag, augustus 6

Shit happens

Je kan de pot op?

Vorige week zaten DE passagier en ik in de auto. Het was lekker weer, het zonnetje scheen, de vogeltjes floten en in de auto drong het aroma van versgemaaide gras door.
Elke morgen leg ik een drol in de vorm van een penis..”
Er viel een pijnlijke stilte. Pardon?? Ik keek opzij en daar keek mijn passagier mij verwachtingvol aan.
Ja”, ging het verder “Eerst twee kleine rondjes als de ballen en dan recht omhoog”.
Tja wat zeg je daar op? “ Geweldig, heb je je al ingeschreven voor het wereldkampioenschap kunstkakken?”
Nee, eigenlijk maar een ding: “Dat komt op mijn weblog”.
Mijn passagier kijkt mij verschrikt aan en dan eindigen we in een lachbui.
Wees maar niet bang, ik zorg wel dat je anoniem blijft” stel ik de passagier gerust.

Een raar gegeven trouwens, waarom rust er nog zo’n taboe op het poepen? Het is een normaal lichamelijk proces. Iedereen doet het tenslotte, van de stratenmaker tot aan de koningin. Maar wat er daar achter die toiletdeur gebeurt blijft een groot geheim voor anderen. En waarom? Iedereen zegt “Ik heb zo heerlijk gegeten” maar ik hoor niemand zeggen “Ik heb zo heerlijk gepoept” terwijl het eerst het beginproduct is en het ander het eindproduct. En er valt zo veel te vertellen over dat toilet-bezoek. De ene is er binnen een poep en een scheet weer vanaf terwijl de ander er een relaxmoment van maakt. Ik ken zelfs iemand die muziek op het toilet heeft, zodra je het lichtknopje omgooit komen de zoet gevoosde klanken je al tegemoet en het toilet hangt er vol met leesvoer. Een vriend van ons had zijn toilet zelfs helemaal veranderd in een mini-Land van Laaf. En dan hebben we het nog niet eens over de medische achtergrond. De een heeft weer van die harde konijnenkeutels terwijl het er bij een ander weer uitspuit. Jantje gaat slechts een keer in de 4 dagen terwijl Pietje de hele dag de pot op kan.

De opmerking van mijn passagier maakte trouwens wel wat los want al snel praten we over de voorkeur voor een toilet met plateau of zo’n een waar je hoop meteen in het water valt. Tja, alletwee hebben hun nadeel, daar komen we achter. Als je een heeeeeel grote hoop moet heb je kans dat het plateau vol poept en de gevolgen zijn niet prettig, maar aan de andere kant heb je altijd de kans op een natte kont door opspattend water bij een wc zonder plateau. Het wordt nog een heel leuk gesprek over een niet allerdaags onderwerp. Eindelijk kan ik mijn eigen toilet-perikelen ongegeneerd met een ander delen. Wat een bevrijding! Zelf heb ik natuurlijk ook een “toilet-afwijking”. Ik ben namelijk nogal erg toilet vast. Ik ga absoluut niet op een vreemd toilet zitten en beperkt mijn toilet-territorium slechts tot een paar toiletten waarop ik ga zitten. Als ik bij een ander ben en ik voel een aandrang opkomen ga ik resoluut naar huis. En dat levert nogal wat nijpende momenten op want hoe dichter ik bij huis kom, des de heftiger wordt de kramp. Gelukkig gaat het meestal goed en een zucht van verlichting klinkt als ik op mijn eigen toilet zit. Oost West, de toilet thuis is toch het best.

Toch lijkt het alsof het taboe rond het toiletbezoek doorbroken wordt. Op de BBQ vorige week kwam het onderwerp op een gegeven moment ook op het poepen en vanmorgen in de trein ving ik ook een flard van een gesprek over dit onderwerp op. Zucht… Welke taboes blijven er nog over?

donderdag, augustus 5

Gremlins

Weet je wat ik zie als ik gedronken heb? Allemaal beestjes...

Vergeet even de overlast van wespen, muggen, mieren, bijen, hommels en ander gespuis. Thuis hebben wij te maken met een nieuwe plaag. Wij hebben namelijk last van Gremlins. Je kent ze wel, die onzichtbare monstertjes die de hele dag aan nippeltjes, moertjes, boutjes, transistortjes en andere technische zaken zitten te knagen en alles kapot maken. Eigenlijk hebben we er al langer last van. Iedereen op de televisie ziet er sinds enige tijd uit als de Hulk met een mooi groen velletje, ook de lagers van de auto hadden het begeven en een paar weken geleden konden we zwemmen in ons waterbed. Maar sinds gisteren maken die Gremlins het wel heel erg bont. Bij thuiskomst bleek de koelkast kuren te hebben. De temperatuur van het koelgedeelte liep behoorlijk op en stond vanmorgen al op + 16° Celcius. Ook van het vriesgedeelte zag ik de temperatuur oplopen, van –18° naar –12° en alleen in de supervries-stand weet hij zijn temperatuur nog te behouden. Dat is flink balen dus…

Maar ook Wim had gisteren last van die vervelende Gremlins want toen hij van zijn werk wilde wegrijden deed de auto helemaal niks meer. De ANWB gebeld en het bleek dus dat de accu het begeven had. Vandaag dus eerst een nieuwe accu halen. Het wordt hoog tijd om wat aan die Gremlins te doen. Ik zou dus de verdelgingsdienst kunnen bellen. “Hallo mijnheer, kunt u hier direct komen. Wij hebben een ernstig geval van overlast door Gremlins.” Ja, ze zien me al aankomen. Toch is het altijd heel frappant, als er een ding kapot gaat volgen er meer en dat heb ik gisteren wel gemerkt. Dat wordt weer een duur maandje als de koelkast de geest heeft gegeven en we ook een nieuwe accu moeten kopen. Misschien moet ik wel een rekeningnummer openen voor “Slachtoffers van Gremlin-geweld”

woensdag, augustus 4

Bella Italia

Volare!!! Oh-ho Cantare oh-ho oh-ho!!!

Ik heb de zomer in mijn bol. Al een paar dagen verlang ik naar een lekkere vakantie in de Italiaanse Toscane. In de stille uurtjes op het werk en thuis doe ik niks anders dan naar de vakantiehuisjes staren en zuchten. Helaas zit een vakantie er dit jaar niet meer in. Maar volgend jaar… Normaal gaan we altijd een weekje met familie of vrienden naar Denemarken en huren daar een huisje. Maar we kunnen volgend jaar ook eens naar de Toscane gaan. Ik kijk naar de foto’s op het internet en zucht. In gedachten zie ik mij al aan dat prive zwembad zitten, onder de parasol met een lekker wijntje en Italiaanse hapjes. Ik kijk dan gemoedelijk en rozig over mijn zonnebril en zie Wim in het zwembad drijven op een grote opblaaskrokodil. Mijn hoofd draait weg en ik kijk uit over het heuvelgebied vol met olijfbomen. Zucht… Ik weet het zeker, ik ga voor volgend jaar een huisje in de buurt van Lucca huren en de rest krijg ik ook wel zo enthousiast.

Wij zijn al eerder in de Toscane geweest. Zo’n drie/vier jaar geleden konden wij met vrienden en hun gezin mee. Zijn zus woont in Lucca en ze konden gebruik van hun huisje maken terwijl zijn zus en gezin in Nederland zaten, of wij mee wilde? Nou daar hoefde wij geen twee keer over na te denken. Hoe kom je anders aan zo’n goedkope vakantie? Dus met twee auto’s vertrokken wij richting Lucca. De reis was lang maar prachtig. Moet je je voorstellen. Je stopt op een rustplaats in Zwitserland. Achter de parkeerplaats stroomt een beekje met het helderste water dat je ooit hebt gezien met vlak daarachter een heel hoge rotswand. Na een dikke 14 uur rijden kwam we moe maar voldaan aan in het prachtige Lucca. Pisa en een dagje aan het strand mochten natuurlijk niet ontbreken. Het was warm, heel warm toen wij er waren met temperaturen tussen de 35 en 40° Celcius. Godzij dank hadden wij airco in de auto. De derde dag reden wij achter onze vrienden aan. Ze wisten een mooi koel beekje, hoog in de bergen. En dat klopt! Het was hoog in de bergen, via smalle slingerweggetjes waar op sommige plekken maar 1 auto kon rijden en je vlak naast je in de afgrond kon kijken. Aangezien ik hoogtevrees heb, kan je wel begrijpen dat ik met trillende handjes achter het stuur heb gezeten. Maar het kreekje was het waard. Doodstil en prachtig om door de kreek te lopen. Een heerlijke verkoeling aan je benen. Maar je moest wel uitkijken want door de keien was het spekglad en iedereen was wel een keer onderuit gegaan. Lachen natuurlijk. Toen werd het tijd om naar huis te gaan. Maar het lachen verstomde al snel toen bleek dat wij onze autosleutel kwijt waren. Wij hebben met zo’n allen meer dan een uur gezocht, maar niks kunnen vinden.
En daar sta je dan. Hartje Italië boven op een grote berg… Het zou zo idyllisch kunnen klinken, ware het niet dat ik stond te hyperventileren. De autosleutel was vast en zeker tijdens een van de glijpartijen van Wim of mij in het water gevallen en dreef nu vrolijk kilometers verderop in het water. Gelukkig waren we met twee auto’s dus ik moest afscheid van onze auto nemen terwijl we met 4 volwassenen en 3 kinderen in een auto opgepropt zaten. Ik heb wel wat traantjes geplengd, in gedachte zag ik de auto al gestript worden van de wielen en alle andere onderdelen. Wij dus naar een Renault garage en leg maar eens uit dat je sleutels nodig hebt. Bovendien zijn het van die sleutels met ingebouwde zendertjes die speciaal in Frankrijk gemaakt moesten worden. Het is te lang om hier neer te pennen wat voor een moeite wij moesten doen om alles voor elkaar te krijgen. Maar een dag voor vertrek hadden wij de sleutel. De auto was ondertussen al door de garage van de berg afgesleept en wij hadden hem weer op tijd terug voor de terugreis.

Ondanks deze ontberingen hebben wij een fantastische tijd gehad in Italie. Heerlijk gegeten, mooie dingen gezien en het weer was warm maar heerlijk. Ik staar weer naar het beeldscherm. De Toscane, een prachtig landhuis met privé zwembad en uitzicht over de heuvels met fruit- en olijfbomen. Ahhhh Bella Italia… Ciao, tot volgend jaar.

dinsdag, augustus 3

Als ik kon toveren…

Knibbel knabbel knuisje, wie knabbelt er aan mijn huisje?

Treguna mekoides trecorum satis dee… Stiekum verwacht ik nu dat mijn toetsenbord automatisch begint te typen, de papieren op mijn bureau een eigen leven gaan leiden en mijn stoel door de lucht begint te zweven. "Is hij gek geworden?" denken jullie misschien. Nee gek niet, maar wel boordevol fantasie. De eerste zin komt namelijk uit mijn favoriete film "Heksen en bezemstelen" en met het uitspreken van deze zin wist de hoofdrolspeelster dode materie tot leven te wekken. Magie, tovenarij.. Daar wil ik het vandaag over hebben.

Al van kinds af aan heeft het mij enorm bezig gehouden. Op televisie kijken naar Ti-ta tovenaar, Paulus de Boskabouter met Eucalypta de heks en natuurlijk Kunt U Mij De Weg Naar Hamelen Vertellen, Meneer wat volzat met reuzen, trollen, faunen, heksen en tovenaars. Reuze spannend en dank zij mij fantasie geloofde ik al die dingen ook. Ik weet nog goed dat ik ooit de tarwebloem van mijn moeder had gepikt en in een busje had gedaan. Dat was nu mijn toverpoeder en ik kon er alles mee. Ik kon iedereen betoveren! Dus heel dapper ging ik gewapend met mijn toverpoeder de straat op, waar ik natuurlijk op de bullebak van de straat stuitte. Een etterig ventje dat de hele buurt tiranniseerde, alle kinderen inclusief mijzelf waren bang voor hem. Maar nu zou ik hem wel leren, ik zou hem omtoveren in een kikker. Ik hoefde tenslotte alleen maar met mijn toverpoeder te gooien. Ik was er heilig van overtuigd dus pakte ik een hand vol met bloem en smeet het in dat ettertje zijn gezicht en… er gebeurde niks. Zijn gezicht en haar was wit van de meel maar in een kikker veranderde hij niet. Ik kon maar een ding doen, hard wegrennen terwijl de bullebak nog niet van de schrik was bekomen. Wat ben ik blij dat ik toen niet zeker wist dat ik kon vliegen en van 3 hoog naar beneden sprong.

Ondertussen ben ik het nog steeds niet verleerd. Ik geloof nog steeds in magie en ben er naar op zoek. Parapsychologie, paganisme. Ik heb het allemaal onderzocht maar het niet gevonden. Ik ben zelfs eens mee geweest naar een heksen bijeenkomst. De viering van Yule. Niks voor mij, veel te zweverig en het geheel trok vrij veel labiele mensen aan. Allemaal in touw met hun offertafels etc. maar geen een kon aardbeezien in kamelen veranderen. Gelukkig kunnen we in de bioscopen genieten van magische films als Harry Potter of Lord Of The Rings, met de huidige technieken lijkt alle magie net echt.

Hoewel woorden als "Abracadabra" en "Hocus pocus pilatus pas" niks doen en slechts door een ranzige illusionist nog gebruikt worden om het konijn uit de hoed te "toveren", geloof ik nog steeds in de magie van woorden. Woorden missen namelijk hun uitwerking niet. Woorden kun je blij maken, maar ook verdrietig of boos. Woorden kunnen je in vervoering brengen als je betoverd wordt door een mooi lied of gedicht. Er zijn liedjes die mij kunnen laten huilen, mij energie geven en de stem van mijn geliefde tovert elke keer weer duizend vlinders in mijn buik. En dat is echte magie.

maandag, augustus 2

On the radio

Mijn uitzicht vanuit het treintje zonder mist

"Mag ik uw kaartje?" vroeg de conducteur vanmorgen beleefd in de trein. "Ferry… Jeffrey was het, he?" zei hij met een glimlach. Ik keek hem verbaasd aan: "Ja Jef is mijn naam" Ik nam de man eens goed op. Een vriendelijk man van iets meer dan middelbare leeftijd met bril. Ik kon hem echt niet thuisbrengen. Nu ben ik ook niet zo sterk in het onthouden van namen en gezichten. Nadat ik een beetje van de schrik bekomen was, vroeg ik voorzichtig waar hij mij van kon. "Ken je Egbert? Nou, ik ben zijn oude buurman. Jij zat toch bij Radio Lelystad?" en vrolijk stapte hij door. Ik bleef stil achter en keek wat wezenloos voor mij uit. Tegenover mij zat een Surinaamse jongen die ook net gecontroleerd was. Hij had het kaart dubbelgevouwen in zijn mond gestoken en bewoog zijn mond op en neer. Het leek zo net een reusachtige zwarte eend met een behoorlijke gele snavel. Mijn blik wendde zich af en ik staarde naar het grote niets van het met mist dichtgetrokken landschap. Het leek of ik in de twilight zone was beland.

Af en toe haalt je verleden je in. Tja, Radio Lelystad is zo’n negen jaar een belangrijk onderdeel van mijn leven geweest. In 1989 ben ik er binnengekomen als hulpje voor het verzoekplatenprogamma. Ik wou voor geen geld achter de microfoon kruipen en alleen maar helpen. Maar daar kwam al snel verandering in. Maggie, de presentatrice van het verzoekplaten programma dwong mij bijna en toen ik eenmaal de smaak te pakken had wou ik niks anders meer. Het begon dus met het verzoekplatenprogramma, later een kinderprogramma, informatiefprogramma, spelprogramma etc. Door de jaren heen heb ik behoorlijk wat programma’s en medewerkers zien gaan en komen. Jelle, Maggie, Roel en Wil, Klaas, Nico, Ome Ko en zo kan ik nog wel even doorgaan. Maar ook Egbert en Stephanie ken ik nog van Radio Lelystad. De lokale omroep was eigenlijk een grote familie. We hebben gelachen (weet je ons filmprogramma nog Egbert) en gehuild toen onze voorzitter plots overleed. Ik kan wel 10 logjes volschrijven over de leuke dingen die ik daar heb meegemaakt. Maar aan alle leuke dingen komt een einde, zo ook aan mijn Radio Lelystad periode. In een periode van woelige waters heb ik besloten te stoppen, een hobby doe je tenslotte voor je plezier. In het begin had ik het er best moeilijk mee. Radio Lelystad was tenslotte ook een beetje mijn kindje geworden na jaren van hard werken in bestuursfuncties etc.

Ik ben ondertussen al heel wat jaren weg bij Radio Lelystad, maar volgde de omroep nog op een afstandje. Regelmatig word ik op straat nog steeds begroet door oude luisteraars die mij na al die jaren nog kennen. Mijn hart brak toen het enige tijd geleden niet goed met de omroep ging en het leek of ze moesten stoppen. Gelukkig bestaat Radio Lelystad nog steeds. Af en toe zou ik best wel weer willen beginnen, maar dat is een verlangen naar het verleden. Ondertussen zijn er nieuwe stemmen te beluisteren, klinken er nieuwe namen. Het nieuw vervangt het oud en zo hoort het ook. Maar af en toe verlang ik nog wel naar mijn "liedjes op verzoek". Het bloed kruipt waar het niet gaan kan.


zondag, augustus 1

Nooit op zondag

Lavendel uit onze tuin

Zondag is de dag des Heere. Zondag is een rustdag, een dag van bezinning en welverdiende rust. Rust? Welke rust? Normaal vliegen we in het weekend van hot naar haar. Op bezoek bij familie, vrienden of gewoon om leuke dingen te zien. Het leven is eigenlijk te kort om te rusten, genieten zal je! Dat is eigenlijk ons motto geworden, maar vandaag even niet!!! Wim en ik waren vandaag even toe aan een dagje welverdiende rust. Bovendien konden wij er niet eens op uit trekken want mijn broer ging onze auto repareren (Nog bedankt broertje!!!) Dus wij hebben echt een hele dag niks gedaan. Wat op de bank rondgehangen, achter de PC gezeten en genoten van de foto’s van de afgelopen dagen. Ook heb ik mij echt niet uitgesloofd voor het avondeten. Lekker een pizza en koude meloen toe. En terwijl ik met mijn buik vol meloen achter de PC zit om mijn logje te schrijven, geniet ik nog na van een dagje rusten. En langzaam dringt het tot mij door dat rusten ook genieten kan zijn.